23 juli 2017 • Anton Maes • 4 minuten • 399x gelezen 1 reactie(s)

NZa komt met karig ketenzorgtarief voor huisartsen zonder contract

Deel dit artikel via          

Na de uitspraken van het College van Beroep voor het Bedrijfsleven (CBb) van 1 december 2015 en 3 november 2016 was de NZa genoodzaakt de contractvereiste als voorwaarde bij te leveren prestaties in segment 2 te schrappen.  Immers met die contractvereiste zou de patiënt, die programmatische zorg nodig heeft, niet de vrijheid hebben zich te wenden tot de huisarts van zijn keuze. Die vrijheid staat verder nog onder druk als de gekozen arts bepaalde behandelingen, zoals ketenzorg, niet in rekening mag brengen. Nu ruim 8 maanden later komt de NZa voor 2018 daarom met een tariefvoorstel met maximumtarieven van “Multidisciplinaire zorg – niet gecontracteerd”. Met nieuwe betaaltitels voor huisartsen die wel ketenzorg willen leveren, maar die niet (willen) vallen onder het contract van de ketenzorgaanbieder en de zorgverzekeraar. Hoe ziet het tariefvoorstel 2018 (Beleidsregel/Tariefbeschikking) van de NZa eruit?

NZa tariefvoorstel                DM2            COPD        CVRM-HVZ
2015 per kwartaal                 58               45                 24
2015 per jaar               232             180                 96
2018 per kwartaal                 59,52               47,12                 25,52
2018 per jaar               238,08             188,48               102,08

 

Wat betekent dit?

Het vastgestelde tarief betekent voor de huisarts zonder contract dat de zorgstandaard ketenzorg met de juiste inclusiecriteria wordt geleverd. Waarbij het bedrag van het NZa tarief een vergoeding is voor de organisatie en infrastructuur van die ketenzorg, alsmede voor de kosten van huisartsenzorg zelf, de diëtetiek en de eventuele inzet van een verpleegkundige (samen de zogenaamde OHDV-kosten, zonder kosten van podotherapie en/of medisch specialist). Regulier geldt ongeveer 80% van het totaaltarief als een vergoeding voor zorgkosten, 20% van het bedrag hoort bij organisatiekosten. Omdat huisartsen zonder contract geen inkomsten uit S3 kunnen halen, kunnen zij in het kader van ketenzorg geen vergoeding krijgen voor resultaatbeloning.

 

Is het tarief vergelijkbaar met de vergoeding die een zorggroep met een contract krijgt?

Om hier een antwoord op te kunnen geven, moet bekend zijn wat de 115 zorggroepen krijgen. En dat is lokaal wel bekend, maar omdat zorg in segment S2 een vrij tarief kent, ligt de publieke prijsinformatie hierover gevoelig. Openbare prijsinformatie over ketenzorg is er wel: bij de NZa zelf (Marktscan ketenzorg 2014, pg.9), bij een zorggroep KetenzorgNU met VGZ (N-W-Utrecht) en bij een zorgverzekeraar (contract 2017, bijlage 4).

Bron      Jaar Incl./excl. O&I      DM2 p.j.      COPD p.j.      VRM p.j.
NZa     2012       Incl.      377,36       258,24      175,56
KetenzorgNU     2017       Incl.      338,33       232,46      200,86
KetenzorgNU     2017       Excl.      274,59       168,72      136,92
Menzis     2017       Excl.      260,86       176,96      115,94
Vektis Monitor     2016       Incl.      326,80       218,35      146,64

 

Conclusie

De opdracht die de NZa acht maanden geleden van het CBb had gekregen was ervoor te zorgen dat de huisartsen zonder contract een redelijk en billijk tarief zouden krijgen voor het kunnen uitvoeren van de zorgstandaard chronische zorg binnen de ketenzorg van segment 2. Zodat de betreffende patiënten dezelfde zorg kunnen krijgen als de patiënten in een huisartspraktijk met een contract. Aan deze opdracht lijkt niet voldaan. Het voorgestelde tarief Multidisciplinaire zorg- niet gecontracteerd van 2018 is allereerst veel lager dan het tarief wat de NZa zelf al vond in de Marktscan ketenzorg 2014 uit het jaar 2012. Inmiddels zijn we in 2018 al 6 jaar verder. Daarnaast loopt het voorgestelde tarief achter bij de (wel) openbare tarieven die ik vond. Bedenk daarbij dat de huisarts zonder contract met dit tarief alle OHDV-kosten moeten betalen. En bedenk dat de huisarts zonder contract nimmer recht heeft op een resultaatbeloning of een project van zorgvernieuwing in segment S3. Ik kan dan ook niet anders concluderen dat de NZa met een (te) karig maximumtarief is gekomen voor huisartsen zonder contract, die programmatische zorg in segment S2 willen leveren.

 

Anton Maes, juli 2017

kijk voor meer van Anton Maes ook op www.zorgenstelsel.nl

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Er is 1 reactie op dit artikel

  1. Herman Suichies schreef:

    Zelfs een rechterlijke uitspraak van de hoogste bestuursrechter weerhoudt het NZa er niet van haar eigen politiek gekleurde keuzes te maken. De verzekeraar hoort de regie te hebben en als daar aan getornd wordt dan zullen wij er wel voor zorgen dat we het zo lang mogelijk uitstellen en zo draaien dat toch gebeurt wat wij willen. Stel je voor dat die huisartsen zich aan die regie zouden willen onttrekken. Dat kan nooit in het belang van hun
    patiënten zijn. Dat kan alleen maar eigenbelang zijn. De NZa lijkt zich niets aan te trekken van rechterlijke uitspraken, laat staan van redelijke argumenten. Sinds Arthur Gotlieb zelfmoord pleegde lijkt er bitter weinig veranderd bij deze instelling die de “marktmeester” zou moeten zijn maar zich gedraagt als een verwend kind wat zijn zin wil doordrijven. Jammer dat er nog geen Nationaal Zorgfonds is. Één van hun speerpunten was het opheffen van de NZa. Dat zou een goede zaak zijn.