7 december 2014 • Redactie • 6 minuten • 4.372x gelezen 0 reactie(s)

Tien prangende vragen over het LSP

Commentaar Dat het Landelijk Schakelpunt meer vragen opwerpt dan antwoorden, blijkt wel uit het grote aantal kwesties hierover dat aan VPHuisartsen is voorgelegd. Hieronder worden tien prangende vragen die bij de beroepsgroep spelen beantwoord.

Deel dit artikel via          

Q: De laatste tijd neemt de druk toe vanuit huisartsenpost en HIS om aan te sluiten op het LSP. Wat zijn de gevolgen van het stoppen van OZIS?
A: Door het stoppen van OZIS vervalt de mogelijkheid om via dat ‘netwerk’ berichten van en naar de HAP te zenden. Vaak betekent dat een verlaging van het aantal patiënten waarbij medische gegevens kunnen worden ingezien. Het aantal patiënten dat zich via een opt-in aanmeldt voor het LSP is kleiner dan het aantal patiënten dat via OZIS kon worden ingezien. Een klacht daarover bij de inspectie werd echter niet gehonoreerd.

Daarbij moet je bedenken dat er maar een heel klein deel van de communicatie via OZIS met de huisartsenpost loopt. Het overgrote deel gaat via Edifact. Alle labberichten, specialistenbrieven, röntgenuitslagen en ook de waarneemberichten van de huisartsenpost gaan gewoon via Edifact. Dat is vaak meer dan 98 procent van je communicatie en die blijft ongestoord!

Q: Ik vraag mij af hoe het met het LSP staat. Ik word in mijn regio Deventer weggezet als de enige die zich niet aansluit. Heeft de VPH informatie hoe het er landelijk voor staat? Moet ik toch maar mee gaan doen?
A: Landelijk is het beeld erg wisselend. In Amsterdam bijvoorbeeld is de kans een patiënt te treffen wiens gegevens kunnen worden ingezien kleiner dan 5 procent. Alleen in de zogeheten koploperregio’s Twente en Nijmegen wordt een percentage van ongeveer 50 procent gehaald. Landelijk heeft nog geen 20 procent van de mensen zich opgegeven.

Op de vraag of je mee moet doen: er is geen verplichting om mee te doen. Sommige huisartsenpraktijken hebben inmiddels allang een eigen manier gevonden door bijvoorbeeld hoogrisicopatiënten hun eigen gegevens hetzij op papier, hetzij op een USB-stick mee te geven. Bovendien loopt er op dit moment in Amsterdam een proefneming met een veel goedkoper en totaal ander systeem dat het beroepsgeheim veel beter beschermt.

Q: Wat is jullie advies op dit moment ten aanzien van koppelen aan LSP? Ik ben tegenstander van het LSP; te duur, te kwetsbaar en wat wellicht het zwaarst weegt: veel dossiers van huisartsen zijn niet volledig, simpelweg door het feit dat specialisten vaak veel te laat of in het geheel niet informatie sturen. Laten we dat eerst eens op orde brengen.

Maar ondertussen lijkt de trein van het LSP niet te stoppen. De rekening voor aansluiten (1800 euro per fte) wordt bij mij weggelegd. Hoe adviseren jullie hiermee om te gaan?
A: Zoals je wellicht weet heeft VPHuisartsen hoger beroep aangetekend tegen het vonnis van de rechtbank over de rechtmatigheid van het LSP. Aansluiting is wettelijk niet verplicht, de beroepsgroep (?) heeft het (nog) niet tot norm verheven en hangende de rechtszaak hierover is het zeer te begrijpen dat tegenstanders van het huidige LSP zich NIET aansluiten. Zeker ook gezien het feit dat zoals je zegt je nooit zeker weet of een dossier volledig is of niet. De verantwoordelijkheid voor een dan onjuiste beslissing is nog volledig onduidelijk.

De verantwoordelijkheid voor een dan onjuiste beslissing is nog volledig onduidelijk.

Maar zeker, de druk en dwang is groot. Er is sprake van intimidatie en de zorgverzekeraars zoeken de grens op wat betreft de contractteksten. Indien je in de problemen zou komen, laat het weten. Onze advocaat heeft reeds een aantal collega’s goed kunnen helpen. Wij houden vol en hopen op zoveel mogelijk strijdvaardige medestanders. De zaak is het waard. De grens lijkt me jouw werkplezier van alle dag…

Q: Zijn wij nog zowat de enigen die niet aangesloten zijn op het LSP?
A: De stand van aangesloten huisartsen staat al enkele maanden op iets boven de 80 procent. Slechts een fractie hiervan gebruikt het LSP ook daadwerkelijk. Deels doordat de implementatie achterblijft door technische gebreken, deels doordat huisartsen passief zijn aangesloten (wel kostenvergoedingen voor de aansluiting ontvangen, maar verder niet enthousiast.)

Bijna 5,3 miljoen burgers zijn nu opt-in geregistreerd. Dat wil zeggen dat zij voor de apotheek (hun medicatiedossier), voor hun huisartsendossier of voor beide toestemming hebben gegeven tot inzage via het LSP.

  • In april waren er 3.300 huisartsenpraktijken aangesloten. Dat wil zeggen dat er in zeven maanden tijd zo’n honderd praktijken meer zijn aangesloten op het LSP.
  • In april waren er 3,5 miljoen unieke burgerservicenummers (BSN) met een opt-in. Ongeveer 12 procent van de bevolking van 16,8 miljoen gaf een opt-in voor de huisarts.
  • Nu zijn er 5,3 miljoen unieke BSN aangemeld waarvan circa 3,1 miljoen (ook) een opt-in hebben afgegeven voor het huisartsendossier.
  • Dus circa 18 à 19 procent van de bevolking gaf een opt-in voor uitwisseling van het huisartsendossier.

Zijn jullie zowat de enigen? Nee, 15 tot 20 procent van de huisartsen is niet aangesloten en een veelvoud is bepaald niet gemotiveerd om met het LSP te gaan werken.

Q: Als je de publicaties mag geloven zit iedereen op het LSP! Wij willen geen roepende in de woestijn worden. Moeten we maar aansluiten?
A: Wacht rustig af. Er loopt een hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank over het al dan niet rechtmatig zijn van het LSP; een goed argument om je geen LSP op te laten dringen als de rechtmatigheid nog niet definitief bevestigd is.

Q: Wat zouden de gevolgen voor ons zijn als we hardnekkig blijven volhouden en ons niet aansluiten op het LSP?
A: Er geldt geen verplichting tot aansluiting. Mogelijk dat zorgverzekeraars je op een bepaald moment gaan dwingen. Twee jaar geleden was dreiging met een kort geding voldoende om ze daar van af te laten zien. Zolang de beroepsgroep dit niet als norm verheft, kan niemand je daartoe dwingen.

Q: Wat als patiënten merken dat hun gegevens niet op de huisartsenpost beschikbaar zijn?
A: Geef uitleg dat het beroepsgeheim en hun privacy hiervoor de basis zijn. En dat je bereid bent samen met de apotheek een actuele medicatielijst en/of probleemlijst, allergielijst en dergelijke uit te printen waarover zij dan zelf kunnen beschikken en kunnen bepalen met wie zij hun gegevens willen delen.

Q: Kunnen de zorgverzekeraars ons dwingen ons aan te sluiten? Zouden ze het recht hebben een en ander contractueel vast te leggen?
A: Nee, dat recht hebben ze niet. Dit hebben ze wel geprobeerd en dat is door VPHuisartsen tegengehouden via een (dreigend) kort geding.

Q: Waarom heeft VPHuisartsen een hoger beroep aangetekend tegen het LSP?
A: Tot onze teleurstelling verloren we in juli de bodemprocedure tegen het LSP.
Winstpunten van deze bodemprocedure zijn:

  • Als vereniging zijn we ontvankelijk verklaard.
  • Het LSP neemt volgens de rechter een monopoliepositie in.
  • Elke uitbreiding zal een nieuwe opt-in moeten betekenen.

De verliespunten zijn:

  • Als huisartsen krijgen wij de volledige verantwoordelijkheid voor bescherming van het beroepsgeheim.
  • De professionele samenvatting vinden wij te breed, maar de beroepsgroep (LHV) keurt deze goed.
  • Als huisartsen denken we verschillend over wat open moet staan voor inzage.

Onze motivaties om een hoger beroep aan te spannen zijn:

  • Als we niets doen ligt de jurisprudentie er en wordt daarnaar verwezen.
  • In het LSP gaat het om ons beroepsgeheim en de privacy van de patiënt.
  • Er is geen onderzoek gedaan of het CPB of de beroepsgroep bezwaar heeft.
  • Alternatieven zijn niet in beeld geweest.

Q: Wanneer is het hoger beroep van VPHuisartsen en het LSP?
A: Dat duurt lang. We zijn in de voorbereidende fase. Je kunt je daar ook op beroepen: het hoger beroep over de rechtmatigheid van het LSP is nog onder de rechter.

Het is niet mogelijk op dit artikel te reageren.